Nee, leuker wordt het er niet op. Ondanks al onze vaccinaties hebben we toch weer te maken met beperkingen. ’s Avonds moet alles dicht. Bij restaurants kun je nog slechts lunchen. En de fluitsignalen klinken weer akelig kil tegen lege tribunes.
Niet iedereen heeft begrip. Knulletjes van 14 of 15 jaar oud trekken de capuchon diep over de ogen en trappen de binnenstad van Rotterdam in puin. Agenten en ambulancemedewerkers moeten niet voor het eerst rennen voor hun leven. En ondertussen bedreigt in Den Haag het ene Tweede Kamerlid het andere met een tribunaal. ‘Uw tijd komt nog wel!’
Leuker kan ik het niet maken, en makkelijker ook niet. Maar ik kan er wel iets naast zetten. Want net toen het allemaal op een dieptepunt was moest ik collecteren. Evenals vorig jaar voor de vluchtelingenkinderen op de Griekse eilanden. Kerk in Actie organiseerde het, en op zaterdagmorgen haalde ik de bus op.
Evenals vorig jaar was het een feest om te doen. Elke deur is een verrassing. Sommigen zijn zakelijk, correct, duidelijk. Maar er is ook een man die opendoet, een danspas maakt, de handen spreidt en blij uitroept: tadáááá. Een paar huizen verder zit een meisje van 3 op de wc en houdt mij – terwijl haar moeder geld zoekt – tot in detail op de hoogte van haar vorderingen.
Maar het meest van al treft mij de gulheid waarmee mensen geven. Soms zie ik aarzeling in ogen, maar ‘vluchtelingenkinderen’ blijkt een toverwoord. Bijna niemand weigert. Hoogtepunt van de week is Luuk van 4. Met alle geweld wil hij ook iets geven voor de ‘zielige kinderen’. Ik móet mee naar boven, naar zijn spaarpot.
Uit het nieuws krijgen wij wel eens de indruk dat de hele wereld bestaat uit halve garen en dwazen. Niets blijkt minder waar. Nieuws is alleen maar nieuws als er iets fout gaat. Op avonden als deze echter blijkt dat de meeste mensen deugen. Gewone, normale, leuke en lieve mensen die graag iets voor een ander over hebben. Zeker voor een ander in nood.
Ondanks Corona is het intussen weer gewoon Advent. De tijd van verwachting van het goede. Zo bereiden we ons voor op Kerst. Sinds vorig jaar echter heb ik er een ritueel bij. Ik hoop dat er volgend jaar geen vluchtelingenkinderen meer zijn. Maar die collectebus wil ik niet missen. Om eraan herinnerd te worden dat mensen deugen. En om te blijven geloven in het goede.
Mocht daaraan behoefte bestaan, dan kunt u zonder toestemming de column overnemen in kerkblad of op website.
